BRIEF VAN ODETTE AAN IGOR CORNELISSEN

Geachte heer Cornelissen,

hierbij zend ik u, zoals afgesproken, de markante uitspraken van de oude Franssen, voor ons Opa Dirk. Hij was een gewèldige grootvader, u kunt zich voorstellen dat iemand zo excentriek en onconventioneel voor ons een bron van plezier & hilariteit was. Hij had altijd tijd en belangstelling voor ons en de vele logeerpartijtjes in de Bloemendalstraat, de tienertoers en uitstapjes, de roei-, fiets- en puntertochtjes hebben ons leven enorm verrijkt, afgezien nog van alle 'levenslessen' die wij meekregen:

"Het leven is zwaar, maar met geld beter te dragen dan zonder."

"Als je je maar niet onnodig ziek eet."

"Ik heb altijd gelijk (en als jullie mij nu geen gelijk willen geven, zal na mijn dood blijken, dat ik tòch gelijk heb gehad)."

"Natuurlijk is alléén de moederliefde" (antwoorde hij altijd op: "Ja, natuurlijk, Opa").

"Ik hoef geen geschenk, jouw aanwezigheid is voldoende."

"Zitten er geen spelden en naalden in het theekopje?"

(Pasgeboren baby wegend op één hand): "Een volle haas!"

"Winnie (de hond) heeft een punt gezet!" (Op het Bethlehemsekerkplein).

"Het haar moet de natuurlijke schedellijn der vrouw volgen."

"Haal je handen uit je zakken als ik tegen je spreek, snotneus!"

"Kind zoals je weet vergeef ik alle zonden."

"Ja, als ik leef en gezond ben."

"Ja, ja, ik kom, ik kom." (de voordeur openmaken).

"O, ik wou zo graag nog wat leven."

"Geroerd met een aromatische vinger."

"Mij, notaris, bekend."

"Als de gong gaat is het precies 3 minuten voor…. ping, ping, ping."

"Zijn de lichten uit, de gaskraan dicht en de deuren en ramen op slot?"

"Ik heb geen brood meer wil je brood meenemen? Fijn, nu kunnen de duiven weer eten."

"Ik zal eens kijken wat ik nog aan splinters in de zak heb."

"Kijk me aan als ik tegen je spreek!"

"Proleten!"

"Ik ben oorlogsslachtoffer."

"Ik ben oud en gebrekkig."

"Anne" (zijn zuster) "als je nu je mond niet houd dan haal ik mijn geweer en schiet ik je dood."

"Dat bederft haar waarde op de huwelijksmarkt."

"Ik moet naar huis, de duiven zijn woedend."

"Franssen Senior, Bloemendalstraat 13" (aan de telefoon).

"Dat is een waardevol meisje." (ze is niet mooi).

"Pang! Een haas! Pang!" (dit riep hij altijd tijdens treinreizen).

"Je mag alles nemen, behalve oesters, caviaar en champagne" (in de stationsrestauratie)

"Dat laaft mijn ziel" (klassieke muziek).

"Zwijg als ik tegen je speek!"

"An apple a day - Keeps the doctor away."

"Anders moet ik jullie liefde derven."

"Iemand niet onnodig hinderen."

"Niets forceren."

"Daar gaat in de 24 uur héél wat in!"

"Hij of zij groeit aardig op."

"Het is beter te huilen in een taxi dan in een bus."

"Zij heeft een intelligent, hoog voorhoofd."

"Bij leven en welzijn."

"Ik kan nog wel pianospelen met een mooie meid op elke schouder!"

"Als je aan de hemel de grootte van een mannenhand aan blauwe lucht ziet, wordt het morgen mooi weer."

"Een aardappel is een delicatesse."

"Behoudens liederlijk gedrag en drankmisbruik" (mag je komen logeren).

"Nu kom ik met groot materieel."

"Mieters, Mieters."

"Vertaal in het Engels: ik zou hem hebben willen zien staan durven blijven kijken."

"Je weet niets, snotneus!"

"Hou de trein tegen, ik kom eraan."

 

Uit een aantekenboekje van Sepha, voor een grafrede na het overlijden van Opa:

"Nu Pa, Opa zeiden we eigenlijk altijd, niet meer bij ons is kijk ik terug op de laatste twee decennia van zijn leven, het gedeelte waarin wij hem kenden als vader en grootvader.

Hij had grote interesse voor zijn kleinkinderen, niet specifiek in de babytijd, voor hem niet zo aantrekkelijk, maar toen ze op de leeftijd kwamen waarop ze konden zeggen "Opa ik wil je wat vragen" was de vraagstelling nooit te gek voor hem.

Hij redeneerde met hen, hij ging mee met ze roeien, paardrijden, schieten op kleiduiven en in schiettentjes, een veilige fiets kopen. Hij stelde: veiligheid is hoofdzaak, plezier is bijzaak.

Treinreizen door Nederland en Duitsland, waarbij de kinderen levenslessen kregen om toch vooral "rekening te houden met anderen" doch als ze een rustige wagon troffen ze liet brugzwaaien tussen de armleuningen en demonstratie gaf van zich 10 x optrekken, hangend aan de stang van het bagagenet, waarna altijd in de restauratiewagen chocomel werd gedronken.

De warme belangstelling voor hun huisdieren.

De vele extraatjes die hij toestopte en de extra extraatjes.

De woordenboekspelletjes: noem eens een engels woord waarvan je denkt dat ik het niet ken (en als ik het niet ken, geef ik je een gulden) wat hij vooral met zijn kleinzoon Jeroen speelde, voor diens ziekte en overlijden, hetgeen een bron van groot verdriet voor Pa was. Ik hoor nog zo duidelijk de bekende stem aan de telefoon zeggen: "Sepha ik wenste dat ik mocht sterven in plaats van Jeroen. Ik ben oud en op maar de jongen behoorde nog wat te kunnen leven".

Edelmoedig en bereidheid tot helpen waren eigenschappen die hem tekenden.

Wij zijn er trots op hem gekend te hebben en door hem als zijn kinderen beschouwd te worden.

Met hem over zijn levensfilosofie te spreken. God is de goede vader. De Vader heeft ons lief en wij hebben hem lief, zo niet dan moeten wij zijn liefde derven en hij de onze.

Evenzo zijn aardse vriendschappen. Zou hij geen goed vriend zijn dan zou hij de vriendschap van zijn vrienden moeten derven. Door deze instelling hebben trouwe vriendschappen zijn leven verrijkt.

Zijn liefde voor de Engelse taal was groot. Hij verkoos het proza over de poëzie, doch zijn lievelingsgedicht was: 'The psalm of life' van Henry Wadsworth Longfellow.  Met een couplet daarvan wil ik nu besluiten…"

 

Hier eindigt Sepha's tekst. Zij en Opa waren nogal dol op elkaar en hun vriendschap heeft tot Opa's overlijden (1977) bestaan. Na haar echtscheiding van Onno had hij gezegd: "Nu heb ik er een dochter bij." Hij bezocht ons minstens een keer in de maand, per trein.  Hij gaf met gulle hand rijksdaalders, vooral als er kermis was en (als mijn herinnering mij niet bedriegt)  hij schoot altijd raak in de schiettent, daarbij voor ons prachtige prijzen in de wacht slepend als pauwenveren, zijden bloemen en ondeugende ansichtkaarten.

Praten deed hij graag en altijd en overal en met iedereen. In de trein, op stations en bij bushaltes, in cafè's en konditorei's schoot hij wildvreemde mensen aan, vooral op knappe dames had hij het gemunt. Dan nam hij met één hand zijn hoed af, tikte tegen de deuk in zijn schedel, introduceerde zich met: "Franssen, oorlogsslachtoffer, Mevrouw!" en liet haar vervolgens raden hoe oud hij wel niet was.

Logeren bij Opa was altijd féést. Dadelijk na aankomst gingen we friet en kroketten halen in de automatiek op de hoek. Dan met het opschrijfboekje van Opa naar de kruidenier en kopen wat je maar wou. Spoetniks maken met cola en koffiemelk en suiker - mocht allemaal: "Als je je maar niet onnodig ziek eet". Vervolgens kreeg je een rijksdaalder. Ik ging daarmee iets moois kopen bij buurvrouw Annie Ruiken of 10 tweedehands kasteelromans bij de meneer in de Sassenstraat. Als je ze uithad, kon je ze ruilen voor 5 andere. Opa had geen TV dus je ging lezen, voorzover Opa niet tegen je praatte. Soms ging het kabinet in de voorkamer open en kwam er uit de laatjes een schat te voorschijn met een verhaal erbij, zoals een écht zilveren damesbeursje of de foto van J. Krishnamurti. Opa was tolk-vertaler aanwezig geweest op het theosofencongres in Ommen (1927) waar Krishnamurti had verklaard niet de rol van wereldleraar op zich te willen nemen. Opa bewonderde dit zeer en koesterde de foto, waarop (in mijn ogen) een jonge prins stond afgebeeld.

Och, die onvergetelijke opa. Hij vertelde oeverloos over French can-can en damesenkels en onderbroeken met kant, hij was dermate victoriaans dat hij opstond als een dame de kamer binnenkwam, ook al was ze nog zo 'n snotneus. U kunt begrijpen dat Opa's unieke invloed zijn sporen heeft nagelaten in mijn leven. Zelfs mijn beroepskeuze (genealogie) heeft te maken met het feit dat ik op 11-jarige leeftijd al samen met hem op 'voorouderjacht' mocht gaan in Oost-Friesland.

Hij heeft daar in Duitsland, toen hem door een oude schoolmeester een stapel familie-gegevens werd overhandigd, in zijn ontroering de woorden gesproken die we in de familie nu nog bezigen (zoals bij jullie de 'bon voor een kano'): "Ich bin ganz verrückt!"

Hierbij nog een door Opa geschoten foto. Het kind links onderin de hoek ben ikke. Mijn naam is Odette Franssen en ik ben een dochter van Onno en Sepha.

Ik ben u zeer dankbaar dat ik het Familie Franssen-verhaal uit uw boek mag citeren op mijn website. Ik zal uiteraard de bron vermelden.

Met vriendelijke groet, Odette Franssen 

 ©  www.netherlandsancestors.com